In verschillende periodes in de geschiedenis hebben landen geprobeerd machtiger te worden dan andere landen, om op die manier het ‘beste’ land van Europa of van de wereld te worden. Bij het beste land hoort ook het beste leger. Een groot leger is gebruikt om bijvoorbeeld landen te koloniseren ( imperialisme ), of om tegenstanders af te schrikken. Ook nationalisten, mensen die heel erg trots zijn op het eigen land, vinden het hebben van een sterk leger belangrijk. Onder invloed van het nationalisme gingen landen vaak de strijd met elkaar aan om het beste leger ter wereld te krijgen. Dat houdt in:
De beste soldaten.
De beste wapens, en de meeste wapens.
Voor de soldaten en fabrieken die hierbij hoorden waren er veel normale burgers nodig die wilden werken als soldaat of als fabrieksarbeider. Om die reden werd het steeds normaler om tijdens oorlogen ook burgerslachtoffers te maken, deze burgers konden gemakkelijk werk hebben als soldaat of militaire arbeider. Vaak hadden wapenwedlopen een oorlog als gevolg. Als je zoveel sterke wapens had kon een oorlog vaak niet uitblijven, en landen deden steeds minder om een oorlog uit de weg te gaan. Je hoopte dat je leger zo sterk was geworden dat je de tegenstander zo snel had verslagen dat zij geen tijd meer hadden om hun leger optimaal in stelling te brengen. Wapenwedlopen hadden dus militair gefocuste landen en een grotere kans op oorlog als gevolg.
Er dreigde in 1963, tijdens de Cuba-crisis, zelfs zo'n kernoorlog uit te breken. De wapens stonden wel klaar bij de grens, maar ze werden nooit gebruikt. Deze tijd werd daarom de Koude oorlog genoemd.
BREKEND
Het ontstaan van de wapenwedloop
Een wapenwedloop is een wedloop voor militaire suprematie tussen twee of meer landen of machten. Dit was met Amerika en Rusland. America was na de tweede wereldoorlog militair en economisch het sterkste land ter wereld. Dat bleek duidelijk toen Amerika in augustus 1945 de atoombom gebruikte om Japan, de bondgenoot van Duitsland, op de knieën te dwingen.
Geschreven door lezers
-5 graden
21 km
78% regen
NIEUWS
- NIEUWS
- SPORT
- ENTERTAINMENT
- CRIMI
In verschillende periodes in de geschiedenis hebben landen geprobeerd machtiger te worden dan andere landen, om op die manier het ‘beste’ land van Europa of van de wereld te worden. Bij het beste land hoort ook het beste leger. Een groot leger is gebruikt om bijvoorbeeld landen te koloniseren ( imperialisme ), of om tegenstanders af te schrikken. Ook nationalisten, mensen die heel erg trots zijn op het eigen land, vinden het hebben van een sterk leger belangrijk. Onder invloed van het nationalisme gingen landen vaak de strijd met elkaar aan om het beste leger ter wereld te krijgen. Dat houdt in:
De beste soldaten.
De beste wapens, en de meeste wapens.
Voor de soldaten en fabrieken die hierbij hoorden waren er veel normale burgers nodig die wilden werken als soldaat of als fabrieksarbeider. Om die reden werd het steeds normaler om tijdens oorlogen ook burgerslachtoffers te maken, deze burgers konden gemakkelijk werk hebben als soldaat of militaire arbeider. Vaak hadden wapenwedlopen een oorlog als gevolg. Als je zoveel sterke wapens had kon een oorlog vaak niet uitblijven, en landen deden steeds minder om een oorlog uit de weg te gaan. Je hoopte dat je leger zo sterk was geworden dat je de tegenstander zo snel had verslagen dat zij geen tijd meer hadden om hun leger optimaal in stelling te brengen. Wapenwedlopen hadden dus militair gefocuste landen en een grotere kans op oorlog als gevolg.
Er dreigde in 1963, tijdens de Cuba-crisis, zelfs zo'n kernoorlog uit te breken. De wapens stonden wel klaar bij de grens, maar ze werden nooit gebruikt. Deze tijd werd daarom de Koude oorlog genoemd.
Geschreven door lezers
LAATSTE NIEUWS